U bevindt zich hier: Branche informatie Meubelbranche  
 BRANCHE INFORMATIE
Kledingbranche
Meubelbranche
Computer branche
Tuincentra
Uitzend branche
Fitness branche
Auto branche

MEUBELBRANCHE
 
Nieuwe pagina 6

Meubel branche

Bedrijfstypen

Nederland telt ruim 8.300 detailhandelszaken in wonen, onderverdeeld in een aantal deelbranches. De grootste deelbranches zijn de meubelspeciaalzaken, de woningtextielzaken en de gemengde zaken (meubels en woningtextiel). Alledrie vertegenwoordigd met elk bijna 2.000 zaken. De drie kleinere deelbranches zijn de keukenspeciaalzaken (1.000), de kurk- en parketzaken (600) en de slaapspeciaalzaken (800).

Samenwerking

Naast de individuele speciaalzaak kent de woonbranche ook samenwerkingsvormen. Deze variëren van ketenbedrijven en franchiseorganisaties tot samenwerking op basis van gezamenlijke inkoop. In 2000 was de tendens dat samenwerkende MKB-bedrijven in de woonbranche zich in doorsnede beter ontwikkelden dan de niet-samenwerkende MKB-bedrijven.

Woonthemacentra

In de woonbranche is verder een onderscheid te maken tussen ondernemingen gesitueerd op meubelboulevards en bedrijven, vaak solitair gevestigd, op andere locaties. Er hebben zich in 2000 qua omzetgroei tussen deze categorieën verkooppunten geen noemenswaardige verschillen voorgedaan. Een duidelijke tendens in de woonbranche is de opening van zogenaamde woonthemacentra. Zoals het eerste woonthemacentrum Alexandrium in Rotterdam. Na Rotterdam volgen nu ook de grote steden Den Haag en Amsterdam met soortgelijke centra

Matig 2000

Na de zeer positieve omzetontwikkeling in 1998, was er in 1999 en 2000 sprake van een lichtere groei in de omzetten. Desondanks lieten vele ondernemers redelijke omzetontwikkelingen zien. Dit betekent dat de tegenstellingen tussen de verschillende ondernemers groter wordt. Over de hele linie beschouwd mag de conclusie zijn dat 2000 een matig jaar is geweest. Dit resulteerde uiteindelijk in een bescheiden omzetgroei van 2,0%. Alleen de deelbranche keukenspeciaalzaken zag de omzet teruglopen met 4,2% ten opzichte van 1999.

Omzetontwikkelingen

De kleinere ondernemingen in de branche met een omzet beneden € 0,5 mln. werden in het afgelopen jaar ook geconfronteerd met een omzetdaling. Dit patroon tekent zich al enige jaren is af. Ook de omzetontwikkeling bij de zaken met een omzet boven € 5 mln. bleef enigszins achter bij het landelijke gemiddelde. De ondernemingen in de tussenliggende omzetklasse hebben gemiddeld genomen een positieve omzetontwikkeling laten zien. Met een omzettoename van circa 5% nemen zij de stijging van de omzet in de branche voor hun rekening.

Omzetdaling 2001

Voor de woonbranche is het jaar 2001 niet goed van start gegaan. De omzetten over het eerste kwartaal bleven met een daling van 3,1% duidelijk achter bij dezelfde periode vorig jaar. Vooral de keukenspeciaalzaken en de slaapspeciaalzaken zagen de omzet sterk teruglopen. Een belangrijke kanttekening hierbij is echter dat vooral het eerste kwartaal van 2000 heel goed is verlopen en daarmede moeilijk te overtreffen.

Meubelbranche

In de meubelbranche doen zich een aantal opvallende verschijnselen voor binnen de omzetverdeling tussen de productgroepen. De omzet in banken is afgenomen met 7,3%. De omzet in stoelen steeg echter met 4,4%, waarbij vooral de aandacht voor (relax)fauteuils en eetkamerstoelen verantwoordelijk is voor de toename. De grootste omzetstijging laat de productgroep kasten zien met een plus van 8,3%. Deze wordt op de voet gevolgd door bedden en toebehoren met 6,1% omzetstijging. Bij de productgroep vloerbedekking is onverminderd sprake van een opvallende stijgende lijn in de houten vloeren met een omzetgroei van 10,1%.

 

Kerncijfers detailhandel Meubelen
  SBI indeling 1993 5244.1 Meubels
Onderwerpen Jaren 1993 1994 1995 1996 1997 1998 1999 2000
Bedrijven x 1 000 1,5 1,5 1,5 1,5 1,5 1,7 1,7 1,8
Werkzame personen 12,3 13,2 13,8 14,7 16,0 16,7 17,5 20,0
Netto-omzet mld.euro 1,7 1,8 1,9 2,0 2,1 2,4 2,6 2,9
Bruto-winst in % van de omzet 37,8 37,2 37,1 37,4 37,1 37,2 37,3 38,7
Exploitatiekosten Totaal 94,6 96,1 96,1 95,6 95,5 94,3 94,6 94,5
Inkoopwaarde 62,2 62,8 62,9 62,6 62,9 62,8 62,7 61,3
Personeelskosten 13,5 13,7 14,0 13,7 13,7 13,6 14,0 15,2
Overige expl. kosten 18,9 19,6 19,2 19,3 18,9 17,9 17,9 18,1
Bedrijfsresultaat 6,0 4,5 4,9 5,2 5,4 6,7 6,5 6,5
Resultaat voor belasting 4,8 2,8 3,5 4,2 4,8 6,0 5,7 6,4
© Centraal Bureau voor de Statistiek, Voorburg/Heerlen 2002-09-10